Skip to main content
0
Navigation

Ga terugRaakt u verward door de borstkanker terminologie?

U leert snel bij; hier zijn alvast 20 termen omtrent borstkanker die u moet kennen

Confused About All the Breast Cancer Jargon?

Dit kan een moeilijke periode zijn.

Als u, of iemand waar u om geeft, net hebt vernomen dat borstkanker vanaf nu deel uitmaakt van uw leven, dan wordt u overspoeld door hevige gevoelens en zoekt u antwoorden. De verwarrende terminologie inzake borstkanker kan daarbij aanvoelen als een vreemde taal die u niet echt wilde leren.

U bent hierin niet alleen. Wij bieden u graag een bescheiden selectie – een klein begin, wellicht makkelijker te verteren dan een volledige woordenlijst – uit de algemene terminologie en bepalingen inzake borstkanker om u op weg te helpen.

1. Aromataseremmers – Geneesmiddelen die de productie van oestrogeen door de bijnier blokkeren, en die worden gebruikt voor de behandeling van hormoongevoelige borstkanker bij postmenopauzale vrouwen.

2. Oksellympfeknopen – Lymfeklieren in de oksel die soms door borstkanker worden beïnvloed (zie lymfestelsel, hieronder).

3. Biopsie – Diagnostische procedure om levend weefsel te evalueren. U kunt een incisiebiopsie ondergaan waarbij een chirurg een stukje tumor wegsnijdt, een excisie-biopsie waarbij de hele tumor of abnormale gebied wordt verwijderd, of een naaldbiopsie waarbij weefsel wordt opgezogen door een naald.

4. BRCA1/BRCA2 Genen (BReast CAncer genen) – Op zichzelf zijn BRCA1 en BRCA2 gewoon menselijke genen die DNA helpen herstellen. Indien uw BRCA1 of BRCA2 genen echter een schadelijke mutatie hebben (erfelijk), dan loopt u een verhoogd risico op borst- en eierstokkanker. Genetische tests kunnen helpen bepalen of u deze mutatie hebt.

5. Calcificaties – Naarmate vrouwen ouder worden ontwikkelen zich in het borstweefsel vaak kleine afzettingen van calcium, die als witte stippen verschijnen op een mammogram en die zeer algemeen voorkomen. Indien deze gegroepeerd voorkomen in bepaalde opvallende patronen, dan kunnen ze vroege tekenen zijn van kanker, die uw arts verder zal willen onderzoeken met bijkomende screening of biopsie.

6. Ductaal Carcinoom – Ductaal Carcinoom in situ, of “ter plaatse” (DCIS) is de meest voorkomende vorm van niet-invasieve kanker, die bestaat uit abnormale cellen in de melkkanalen, de buisjes die melk naar de tepels vervoeren. Invasief Ductaal Carcinoom (IDC) heeft zich vanuit de binnenwand van de melkkanalen verspreid naar het vetweefsel van de borst.

breast cancer jargon

7. HER2-status – HER2 (humane epidermale groeifactor receptor 2) is de benaming van een gen dat HER2-eiwitten (receptoren) aanmaakt op borstcellen. Bij normale borsten helpen de HER2-receptoren controleren hoe een gezonde borstcel groeit, deelt en zichzelf herstelt. Maar in sommige gevallen van borstkanker maakt het HER2-gen teveel kopieën van zichzelf, waardoor borstcellen op een ongecontroleerde manier beginnen groeien en delen. De HER2-status helpt artsen beslissen wat de beste manier is om een kanker te behandelen; er zijn gerichte behandelingen voor HER2-positieve (HER2+) kankers.

8. Hormoonreceptoren – Eiwitten op cellen waar hormonen zich aan hechten. Indien een cel veel hormoonreceptoren heeft, dan heeft ze dat bepaalde hormoon nodig om te kunnen groeien. Borstkankercellen worden getest op hormoonreceptoren, en hun status wordt gebruikt om effectieve, hormoongerichte behandelingen te kiezen. Een kankercel met oestrogeenreceptoren bijvoorbeeld, heeft oestrogeen nodig om te kunnen groeien en wordt ER+ (“estrogeen” of oestrogeen-receptor positief) genoemd; een verlaging van het oestrogeenniveau in het lichaam kan dus verhinderen dat de kanker groeit. Borstkankers worden geclassificeerd als ER+ indien oestrogeenreceptoren aanwezig zijn, PR+ indien progesteronreceptoren aanwezig zijn, of hormoonreceptor-negatief als geen van de receptoren aanwezig is; in het laatste geval zal hormoonbehandeling waarschijnlijk niet helpen.

9. Inflammatoire borstkanker – Een zeldzame, maar agressieve vorm van borstkanker die zich snel verspreid en niet gekenmerkt wordt door een knobbeltje, maar door warme, gevoelige of jeukende huid, huid die er “dik” uitziet of kuiltjes heeft zoals de schil van een sinaasappel, afscheiding uit de tepel, verkleuring of onverklaarbare zwelling van de tepel. Kijk op www.ibcresearch.org om hier meer over te weten te komen.

10. Lobulair Carcinoom – Abnormale cellen in de melkklieren, waar melk in de borst wordt geproduceerd. Lobulair Carcinoom in situ (LCIS) is beperkt tot de melkklieren en dus niet onmiddellijk levensbedreigend. Het is wel een teken van een verhoogd risico op het ontwikkelen van een invasieve kanker. Men spreekt van Invasief Lobulair Carcinoom (ILC) wanneer de kankercellen zich verder hebben verspreid tot het borstweefsel.

11. Lymfestelsel / Lymfoedeem – Het lymfestelsel wordt vaak over het hoofd gezien, hoewel het een belangrijk onderdeel van uw bloedsomloop is, dat vloeistof uit de weefsels vervoert naar de lymfeknooppunten via een netwerk van eigen bloedvaten. Wanneer het lymfestelsel wordt gemanipuleerd door chirurgie en/of bestraling, kan de lymfevloeistof niet onbelemmerd vervoerd worden, waardoor het naar de omliggende weefsels verspreidt. Het resultaat is lymfoedeem, een zwelling van de ledematen of andere extremiteiten. Sommige borstkankerpatiënten ontwikkelen vrijwel onmiddellijk na een operatie lymfoedeem, terwijl anderen er pas (jaren) later of helemaal geen last van krijgen. Het is uitermate belangrijk om de betrokken zijde van het lichaam te beschermen tegen naalden en brand-, snij- en schaafwonden.

12. Marges – Bij de verwijdering van een tumor is de marge het normale weefsel eromheen. Als uw marges “negatief” of “zuiver” zijn, betekent het dat er geen overgebleven kankercellen waarneembaar zijn in dat weefsel. Als uw marges “positief” of “aangetast” zijn, dan is een verdere chirurgische ingreep nodig om de resterende kankercellen te verwijderen.

13. Metastatische borstkanker – Borstkanker die zich heeft verspreid (uitgezaaid) naar andere delen van het lichaam. Wordt ook wel “geavanceerde” borstkanker genoemd.

14. Neoadjuvante therapie (Preoperatieve therapie) – Chemo- of hormoontherapie gebruikt als eerste behandeling, meestal bij grotere tumoren, vóór mastectomie (borstamputatie) of lumpectomie (verwijdering van de knobbel).

15. Oöforectomie (of ovariëctomie) – Verwijdering van de eierstokken. Soms zijn zowel een Oöforectomie als een mastectomie deel van een risico beperkend plan voor vrouwen met schadelijke BRCA genmutaties.

16. Profylactische mastectomie (Preventieve mastectomie) – Mastectomie is de chirurgische verwijdering van de borst; profylactische of preventieve mastectomie is een verwijdering van de borst nog vóór de kanker wordt ontdekt. Veel vrouwen die vernemen dat ze een zeer hoog risico lopen op borstkanker kiezen voor een preventieve mastectomie om dat risico aanzienlijk te verminderen.

17. Prothese (Borstprothese, Prothese) – Een kunstmatige borst, vervaardigd uit silicone, zacht schuim of een ander materiaal, dat onder de kleding kan gedragen worden na een borstamputatie. Amoena is de initiatiefnemer van de silicone borstprothese

breast cancer definitions

18. Bestralingstherapie – Gebruik van hoogenergetische straling om kankercellen te doden. Men kan met een uitwendige bundel bestraald worden (uitwendige bestraling), of van binnenuit, wat brachytherapie wordt genoemd.

19. Tamoxifen – Een geneesmiddel dat de werking van oestrogeen blokkeert en wordt gebruikt als behandeling na borstchirurgie om ER+ borstkanker te onderdrukken.

20. Triple-Negatieve Borstkanker – Borstkanker die zowel ER-negatief, PR-negatief en HER2-negatief is, wordt triple-negatief genoemd. Ongeveer 20% van alle borstkankers zijn triple-negatief, wat betekent dat de gerichte therapieën voor hormonen- en HER2-receptoren geen nut zullen hebben. Deze kankers worden doorgaans behandeld met chirurgie, chemotherapie en bestraling, en onderzoekers blijven zoeken naar manieren om de behandelmethodes en –opties te verbeteren.

Uw plaatselijke steungroep en uw medisch team zijn de beste bron van informatie over borstkanker — en om steun te krijgen van mensen die het zelf hebben meegemaakt.


Andere behulpzame woordenlijsten

YoungSurvival.org

BreastCancer Glossary

Breastcancer.org